Soms is het handig om in een taalspecifiek TM een veld aan je segmenten te 'hangen' zodat je later bijvoorbeeld kunt zien voor welke klant of welk vakgebied de vertaling is gebruikt. Ook voor het filteren van een export van je TM is dit handig. Het werkt als volgt.
Klik vanuit de Editor op Project Settings > Language Pairs > All Language Pairs > Translation Memory and Automated Translation > Update. In het volgende scherm kun je in de kolom Value de gewenste veldwaarde(n) aanklikken.
Kies een veld uit de lijst en klik op OK. Aan je nieuw vertaalde segmenten wordt nu het gekozen veld gekoppeld.
Hoe je tijdens het vertalen in een TM zelf nieuwe velden aanmaakt (definieert), lees je hier.
Posts tonen met het label velden. Alle posts tonen
Posts tonen met het label velden. Alle posts tonen
maandag 21 november 2011
Extra velden definiëren tijdens het vertalen
Als je er tijdens het vertalen achter komt dat je graag een extra veld aan het TM wilt toevoegen, kun je dat als volgt doen. Let op, dit is iets anders dan het gebruiken van velden in een vertaling! Hoe dat in zijn werk gaat, lees je hier.
Klik vanuit de Editor op Project Settings. Klik op het TM waaraan je het veld wilt toevoegen en kies Settings. In het scherm dat nu verschijnt klik je op Fields and Settings. Hoe je velden en veldnamen toevoegt, lees je in Velden aan een TM toevoegen.
Klik vanuit de Editor op Project Settings. Klik op het TM waaraan je het veld wilt toevoegen en kies Settings. In het scherm dat nu verschijnt klik je op Fields and Settings. Hoe je velden en veldnamen toevoegt, lees je in Velden aan een TM toevoegen.
Velden aan een TM toevoegen
Met velden kun je bijvoorbeeld in een taalspecifiek geheugen aangeven welke segmenten bij welke klant of welk vakgebied horen. Ook kunnen velden gebruikt worden om bij een TM-export aan te geven welk deel van een geheugen geëxporteerd moet worden.
Open SDL Trados Studio en klik linksonder op Translation Memories. Let op: je kunt alleen velden toevoegen als het TM niet geopend is. Als het TM geopend is, kun je het sluiten door het kruisje rechtsboven de twee kolommen met segmenten aan te klikken.
Rechtsklik (linksboven) op het TM waaraan je velden wilt toevoegen en kies de menuoptie Settings. Klik in het nieuwe venster dat verschijnt op Fields en Settings.
Hier kun je velden toevoegen. Als de veldnaam al bestaat (bijvoorbeeld 'klant', kun je in de kolom Picklist het pijltje rechts gebruiken om de lijst met bestaande waarden aan te vullen.
Dubbelklik op het grijze veld onder de bestaande waarden. Daarna kun je de nieuwe waarde toevoegen en op OK klikken.
Als de veldnaam nog niet bestaat, klik je op het eerste lege veld in de kolom Name. Je kunt nu een veldnaam intypen (bijvoorbeeld 'klant' of 'vakgebied'). Kies in de kolom Type voor List uit het vervolgkeuzemenu. Klik nu op het veld onder Picklist en voeg een of meer waarden voor het veld toe (bijvoorbeeld verschillende klantnamen of verschillende vakgebieden). Als je klaar bent, klik je op OK. De velden zijn nu klaar voor gebruik.
Open SDL Trados Studio en klik linksonder op Translation Memories. Let op: je kunt alleen velden toevoegen als het TM niet geopend is. Als het TM geopend is, kun je het sluiten door het kruisje rechtsboven de twee kolommen met segmenten aan te klikken.
Rechtsklik (linksboven) op het TM waaraan je velden wilt toevoegen en kies de menuoptie Settings. Klik in het nieuwe venster dat verschijnt op Fields en Settings.
Hier kun je velden toevoegen. Als de veldnaam al bestaat (bijvoorbeeld 'klant', kun je in de kolom Picklist het pijltje rechts gebruiken om de lijst met bestaande waarden aan te vullen.
Dubbelklik op het grijze veld onder de bestaande waarden. Daarna kun je de nieuwe waarde toevoegen en op OK klikken.
Als de veldnaam nog niet bestaat, klik je op het eerste lege veld in de kolom Name. Je kunt nu een veldnaam intypen (bijvoorbeeld 'klant' of 'vakgebied'). Kies in de kolom Type voor List uit het vervolgkeuzemenu. Klik nu op het veld onder Picklist en voeg een of meer waarden voor het veld toe (bijvoorbeeld verschillende klantnamen of verschillende vakgebieden). Als je klaar bent, klik je op OK. De velden zijn nu klaar voor gebruik.
Deel van een TM exporteren
Hier ga je net zo te werk als bij Heel TM exporteren maar geef je via een filter aan welk deel van het TM je wilt exporteren. Nadat je de naam en de exportlocatie hebt opgegeven, klik je bij Filter op Edit. Het volgende venster verschijnt.
Klik in dit venster op de knop Add. Het scherm Add Condition verschijnt.
Klik in de vervolgkeuzelijst Field op het pijltje. Er verschijnt een lijst met alle filtermogelijkheden die voor dit TM gedefinieerd zijn.
Hier kun je bijvoorbeeld een klantnaam opgeven. Je kunt meerdere filters opgeven. Als je klaar bent, klik je op OK en ga je verder te werk zoals beschreven in Heel TM exporteren.
Klik in dit venster op de knop Add. Het scherm Add Condition verschijnt.
Klik in de vervolgkeuzelijst Field op het pijltje. Er verschijnt een lijst met alle filtermogelijkheden die voor dit TM gedefinieerd zijn.
Hier kun je bijvoorbeeld een klantnaam opgeven. Je kunt meerdere filters opgeven. Als je klaar bent, klik je op OK en ga je verder te werk zoals beschreven in Heel TM exporteren.
vrijdag 19 oktober 2007
Velden
Als je TM wat groter wordt, is het handig om in één oogopslag te kunnen zien in welke context je je vertalingen hebt gemaakt. Hiervoor kun je zogenaamde velden gebruiken (bijv. klantnamen, onderwerpen, productnamen e.d.). Hiermee wordt het ook gemakkelijker om delen van je TM te exporteren (filteren). Met velden hang je eigenlijk extra metagegevens aan je vertaalsegmenten.
Trados kent twee soorten velden: attribuutvelden en tekstvelden. Attribuutvelden gebruik je voor metagegevens die telkens terugkeren (zoals een klantnaam of een onderwerp), tekstvelden gebruik je voor metagegevens die maar een enkele keer worden gebruikt.
Tekstvelden
Het gebruik van tekstvelden is vrij eenvoudig. Ga naar Settings > Project and Filter Settings. Het venster Project and Filter Settings verschijnt. Hier kun je onder Text field content een waarde invullen die je aan je vertalingen wilt hangen.

Als je vervolgens op OK klikt, is het tekstveld ingesteld en wordt de informatie uit het veld aan de segmenten in je TM toegevoegd. Houd er rekening mee dat het tekstveld blijft ingesteld tot je de inhoud weer handmatig verwijdert.
Attribuutvelden
Het gebruik van attribuutvelden is iets lastiger, maar het loont absoluut de moeite deze velden te gebruiken. Wij gebruiken zelf voor elke vertaling minimaal één attribuutveld, en meestal zelfs meerdere. Om attribuutvelden te gaan gebruiken, moet je twee handelingen uitvoeren. Allereerst moet je de velden definiëren in de set-up van je vertaalgeheugen. Ten tweede moet je opgeven dat je velden daadwerkelijk wilt gebruiken.
Attribuutvelden definiëren
Voordat je velden gaat definiëren is het handig om na te denken welke velden je eigenlijk wilt gebruiken. Je zou kunnen denken aan velden als Klant, Onderwerp of Product; je kunt zelf bedenken welke velden je handig vindt.
Ga in de Trados Translator's Workbench naar File > Setup en klik in het venster dat verschijnt op het tabblad Fields. Als er nog geen velden zijn gedefinieerd, ziet het tabblad Fields er zo uit:

Zoals je ziet heeft Trados al een aantal voorgedefinieerde velden. Deze velden hoef je niet per se te gebruiken en je kunt het bestaande veld (Status) en de bijbehorende waarden (New, Approved, Read Only) aan je eigen wensen aanpassen.
Als voorbeeld gaan we een aantal klantnamen en onderwerpen opgeven. Selecteer in het veld Field de waarde Status en verander deze in Klant. Klik vervolgens onder Attribute values op New. Selecteer in het veld Field het woord New en verander het in Klant A (dit is natuurlijk een voorbeeld, je kunt eigen klantnamen gebruiken). Klik op Approved en verander op dezelfde manier de waarde Approved in Klant B. Verander Read Only in Klant C. Als het goed is, ziet het tabblad Fields er nu zo uit:

Naast velden voor klanten wil je misschien ook velden voor vakgebieden (of onderwerpen) opgeven. Klik onder Attribute fields op Klant en vervolgens links boven in het venster op Add. Voer achter Field het woord Onderwerp in. Het woord verschijnt direct in Attribute fields onder het woord Klant. Klik nu in het rechterveld onder Attribute values op de waarde A Value en verander de waarde in ICT (ook dit is een voorbeeld, je kunt eigen vakgebieden gebruiken). Klik op Add, klik nogmaals in het veld achter Field en voer Persbericht in.
We hebben nu drie klantnamen en twee onderwerpen opgegeven. Als je klaar bent, klik je op OK. De velden zijn nu gedefinieerd en je kunt ze voor je vertalingen gaan gebruiken. Je kunt altijd op een later moment nieuwe velden toevoegen.
Attribuutvelden gebruiken
Nu je de velden gedefinieerd hebt, kun je ze gaan gebruiken. Stel, je krijgt een opdracht binnen van Klant B en het is een persbericht. Om deze metagegevens aan je vertalingen te hangen, ga je als volgt te werk.
Ga in de Trados Translator's Workbench naar Settings > Project and Filter Settings. Klik links onder Attribute fields op Klant en klik rechts onder Attribute picklist op Klant B. Klik links op Onderwerp en klik rechts op Persbericht. Als het goed is, ziet het venster er nu zo uit:

Om een waarde voor een veld op te geven, klik je dus eenmaal op de waarde. Om de waarde op te heffen, klik je nogmaals op de waarde. Als je op OK klikt, zijn de waarden opgegeven. Als je nu begint met vertalen, worden deze metagegevens tijdens het vertalen automatisch aan je vertaalsegmenten toegevoegd. Houd er rekening mee dat als je Trados TW nu sluit en op een later moment weer opent, deze waarden nog steeds zijn ingesteld. Trados 'onthoudt' de laatst opgegeven instellingen.
Zie ook Projectinstellingen automatisch openen.
Trados kent twee soorten velden: attribuutvelden en tekstvelden. Attribuutvelden gebruik je voor metagegevens die telkens terugkeren (zoals een klantnaam of een onderwerp), tekstvelden gebruik je voor metagegevens die maar een enkele keer worden gebruikt.
Tekstvelden
Het gebruik van tekstvelden is vrij eenvoudig. Ga naar Settings > Project and Filter Settings. Het venster Project and Filter Settings verschijnt. Hier kun je onder Text field content een waarde invullen die je aan je vertalingen wilt hangen.

Als je vervolgens op OK klikt, is het tekstveld ingesteld en wordt de informatie uit het veld aan de segmenten in je TM toegevoegd. Houd er rekening mee dat het tekstveld blijft ingesteld tot je de inhoud weer handmatig verwijdert.
Attribuutvelden
Het gebruik van attribuutvelden is iets lastiger, maar het loont absoluut de moeite deze velden te gebruiken. Wij gebruiken zelf voor elke vertaling minimaal één attribuutveld, en meestal zelfs meerdere. Om attribuutvelden te gaan gebruiken, moet je twee handelingen uitvoeren. Allereerst moet je de velden definiëren in de set-up van je vertaalgeheugen. Ten tweede moet je opgeven dat je velden daadwerkelijk wilt gebruiken.
Attribuutvelden definiëren
Voordat je velden gaat definiëren is het handig om na te denken welke velden je eigenlijk wilt gebruiken. Je zou kunnen denken aan velden als Klant, Onderwerp of Product; je kunt zelf bedenken welke velden je handig vindt.
Ga in de Trados Translator's Workbench naar File > Setup en klik in het venster dat verschijnt op het tabblad Fields. Als er nog geen velden zijn gedefinieerd, ziet het tabblad Fields er zo uit:

Zoals je ziet heeft Trados al een aantal voorgedefinieerde velden. Deze velden hoef je niet per se te gebruiken en je kunt het bestaande veld (Status) en de bijbehorende waarden (New, Approved, Read Only) aan je eigen wensen aanpassen.
Als voorbeeld gaan we een aantal klantnamen en onderwerpen opgeven. Selecteer in het veld Field de waarde Status en verander deze in Klant. Klik vervolgens onder Attribute values op New. Selecteer in het veld Field het woord New en verander het in Klant A (dit is natuurlijk een voorbeeld, je kunt eigen klantnamen gebruiken). Klik op Approved en verander op dezelfde manier de waarde Approved in Klant B. Verander Read Only in Klant C. Als het goed is, ziet het tabblad Fields er nu zo uit:

Naast velden voor klanten wil je misschien ook velden voor vakgebieden (of onderwerpen) opgeven. Klik onder Attribute fields op Klant en vervolgens links boven in het venster op Add. Voer achter Field het woord Onderwerp in. Het woord verschijnt direct in Attribute fields onder het woord Klant. Klik nu in het rechterveld onder Attribute values op de waarde A Value en verander de waarde in ICT (ook dit is een voorbeeld, je kunt eigen vakgebieden gebruiken). Klik op Add, klik nogmaals in het veld achter Field en voer Persbericht in.
We hebben nu drie klantnamen en twee onderwerpen opgegeven. Als je klaar bent, klik je op OK. De velden zijn nu gedefinieerd en je kunt ze voor je vertalingen gaan gebruiken. Je kunt altijd op een later moment nieuwe velden toevoegen.
Attribuutvelden gebruiken
Nu je de velden gedefinieerd hebt, kun je ze gaan gebruiken. Stel, je krijgt een opdracht binnen van Klant B en het is een persbericht. Om deze metagegevens aan je vertalingen te hangen, ga je als volgt te werk.
Ga in de Trados Translator's Workbench naar Settings > Project and Filter Settings. Klik links onder Attribute fields op Klant en klik rechts onder Attribute picklist op Klant B. Klik links op Onderwerp en klik rechts op Persbericht. Als het goed is, ziet het venster er nu zo uit:

Om een waarde voor een veld op te geven, klik je dus eenmaal op de waarde. Om de waarde op te heffen, klik je nogmaals op de waarde. Als je op OK klikt, zijn de waarden opgegeven. Als je nu begint met vertalen, worden deze metagegevens tijdens het vertalen automatisch aan je vertaalsegmenten toegevoegd. Houd er rekening mee dat als je Trados TW nu sluit en op een later moment weer opent, deze waarden nog steeds zijn ingesteld. Trados 'onthoudt' de laatst opgegeven instellingen.
Zie ook Projectinstellingen automatisch openen.
Abonneren op:
Posts (Atom)





